1 oktober 2026
Kunstmatige intelligentie krijgt een steeds grotere rol in de Europese gezondheidszorg. Ziekenhuizen gebruiken AI al voor beeldanalyse, onderzoek en ondersteuning van artsen. Tegelijkertijd investeert de Europese Unie fors in nieuwe toepassingen voor preventie, diagnose en behandeling.
De Europese Commissie heeft daarom een netwerk opgezet van AI-gestuurde screeningscentra. Deze centra moeten helpen om AI sneller in de dagelijkse zorg te krijgen. In eerste instantie ligt de focus op kanker en hart- en vaatziekten.
Daarmee verschuift de discussie.
AI gaat in Europa niet langer alleen over experimenten in laboratoria. Steeds vaker gaat het over toepassingen die daadwerkelijk patiënten en zorgverleners kunnen ondersteunen.
AI moet ziekten eerder opsporen
Een van de belangrijkste toepassingen is medische beeldanalyse.
AI-systemen kunnen bijvoorbeeld grote hoeveelheden medische beelden analyseren. Daarbij kunnen ze patronen herkennen die voor artsen moeilijker zichtbaar zijn.
De Europese Commissie wil deze technologie onder meer inzetten voor het eerder ontdekken van kanker en hart- en vaatziekten. De nieuwe screeningscentra moeten AI-oplossingen in echte klinische situaties testen. Vervolgens kunnen onderzoekers beoordelen hoe goed de systemen daadwerkelijk presteren.
Dat is belangrijk.
Een AI-model kan namelijk goed presteren tijdens een technische test. In een ziekenhuis zijn de omstandigheden vaak veel ingewikkelder. Patiënten verschillen van elkaar. Apparatuur verschilt eveneens. Bovendien kan de kwaliteit van medische gegevens sterk uiteenlopen.
Daarom wil Europa niet alleen kijken naar de nauwkeurigheid van een AI-model. Ook de prestaties in echte ziekenhuizen moeten worden onderzocht.
Europese ziekenhuizen lopen niet allemaal even snel
Toch verloopt de invoering van AI niet overal hetzelfde.
De Wereldgezondheidsorganisatie waarschuwde eerder dit jaar dat Europese ziekenhuizen AI steeds vaker gebruiken, terwijl slechts een beperkt aantal landen duidelijke regels en toezicht heeft ontwikkeld. Volgens WHO Europe kan dat risico’s opleveren voor patiënten.
Dat verschil tussen landen is een belangrijk Europees probleem.
Een ziekenhuis in het ene land kan bijvoorbeeld al met AI-ondersteunde diagnostiek werken. Ondertussen kan een vergelijkbaar ziekenhuis elders nog bezig zijn met de eerste experimenten.
Bovendien spelen privacy, cybersecurity en medische regelgeving een grote rol.
Gezondheidsgegevens behoren immers tot de gevoeligste persoonsgegevens. Daarom moeten AI-systemen niet alleen technisch goed functioneren. Ze moeten ook veilig omgaan met patiëntinformatie.
Europa investeert in medische AI
De Europese Unie probeert die ontwikkeling daarom actief te ondersteunen.
Volgens de Europese Commissie zijn inmiddels 19 AI Factories gelanceerd binnen het Europese supercomputingprogramma EuroHPC. Zeventien daarvan richten zich onder meer op gezondheidszorg.
Daarnaast werkt Europa aan grotere AI-infrastructuur.
Dat is nodig omdat moderne AI veel rekenkracht vraagt. Vooral medische toepassingen kunnen enorme hoeveelheden gegevens verwerken.
Denk bijvoorbeeld aan medische scans, genetische informatie en gegevens uit elektronische patiëntendossiers.
Door zulke databronnen beter te combineren, kunnen onderzoekers nieuwe verbanden ontdekken. Uiteindelijk kan dat helpen bij vroegere diagnoses en meer gepersonaliseerde behandelingen.
AI moet ook artsen ondersteunen
De rol van AI blijft bovendien niet beperkt tot diagnose.
De Europese Commissie noemt onder meer beslissingsondersteuning, preventieve zorg en patiëntgerichte zorg als belangrijke toepassingen. Ook werkt Europa aan digitale infrastructuur voor intensive-care-afdelingen. Daarmee kunnen voorspellende modellen artsen helpen bij het herkennen van risico’s.
Het doel is daarbij niet dat AI de arts volledig vervangt.
In plaats daarvan moet technologie zorgverleners ondersteunen bij taken waarbij grote hoeveelheden informatie moeten worden verwerkt.
Dat kan bijvoorbeeld tijd besparen.
Een arts kan vervolgens meer aandacht besteden aan de patiënt zelf. Tegelijkertijd blijft menselijke controle belangrijk, zeker wanneer een AI-systeem een medische beslissing beïnvloedt.
Virtuele patiënten worden een nieuwe ontwikkeling
Een opvallende Europese ontwikkeling is daarnaast het onderzoek naar zogenaamde Virtual Human Twins.
Daarbij wordt een digitale representatie van een patiënt gebruikt om medische processen beter te begrijpen en mogelijk behandelingen te simuleren.
De Europese Commissie ondersteunt een Europees initiatief voor deze technologie. Het doel is om geavanceerde modellen te ontwikkelen die medische gegevens kunnen combineren en valideren.
Dat klinkt futuristisch, maar de achterliggende gedachte is eenvoudig.
Als artsen een digitale versie van bepaalde patiëntkenmerken kunnen gebruiken, kunnen zij mogelijk verschillende scenario’s onderzoeken voordat een behandeling daadwerkelijk wordt uitgevoerd.
De technologie staat nog volop in ontwikkeling. Toch laat het zien hoe breed Europa naar AI in de gezondheidszorg kijkt.
Ook zorgverleners moeten worden opgeleid
Technologie alleen is echter niet genoeg.
Artsen, verpleegkundigen en andere zorgprofessionals moeten leren hoe ze AI-systemen verantwoord kunnen gebruiken.
Daarom investeert de Europese Unie ook in opleidingen en bijscholing op het gebied van digitale zorg en AI.
Dat wordt steeds belangrijker.
Een zorgprofessional moet bijvoorbeeld weten wanneer een AI-systeem betrouwbaar genoeg is. Ook moet duidelijk zijn wanneer een menselijke controle noodzakelijk blijft.
Bovendien moeten medewerkers begrijpen hoe medische AI tot een bepaald advies komt.
Zonder die kennis bestaat het risico dat professionals een AI-uitkomst te gemakkelijk overnemen.
Privacy blijft een groot vraagstuk
Naast opleiding is privacy een van de grootste uitdagingen.
AI-systemen hebben vaak veel data nodig. In de gezondheidszorg gaat het daarbij om informatie die bijzonder gevoelig kan zijn.
Europa probeert daarom verschillende regels en technologieën met elkaar te combineren. De AI Act vormt samen met de regels voor medische hulpmiddelen een belangrijk juridisch kader voor medische AI.
Tegelijkertijd werkt de Europese Commissie aan maatregelen voor de cybersecurity van ziekenhuizen.
Dat is geen overbodige luxe.
Een ziekenhuis dat steeds meer afhankelijk wordt van digitale systemen kan immers ook kwetsbaarder worden voor cyberaanvallen.
Europa wil AI uiteindelijk in de dagelijkse zorg krijgen
De Europese aanpak draait daardoor om meer dan alleen nieuwe AI-modellen.
De EU probeert een compleet ecosysteem op te bouwen. Dat bestaat uit rekenkracht, medische data, regelgeving, opleidingen en toepassingen in echte ziekenhuizen.
Voor patiënten kan dat uiteindelijk grote gevolgen hebben.
AI kan helpen om ziekten eerder te ontdekken. Daarnaast kunnen artsen ondersteuning krijgen bij complexe beslissingen. Ook kan technologie bijdragen aan meer gepersonaliseerde zorg.
Toch zal de invoering geleidelijk verlopen.
Medische AI moet eerst uitgebreid worden getest. Vervolgens moeten ziekenhuizen aantonen dat systemen veilig en betrouwbaar werken.
De komende jaren zal daarom vooral duidelijk worden welke AI-toepassingen daadwerkelijk waarde toevoegen.
Europa wil in ieder geval voorkomen dat AI alleen een technologie voor demonstraties blijft.
De ambitie is groter: AI moet uiteindelijk onderdeel worden van de dagelijkse gezondheidszorg, maar wel onder voorwaarden die patiënten en zorgverleners beschermen.
