De zeven Nederlandse universitaire medische centra gaan nauwer samenwerken rond kunstmatige intelligentie. Bestuurders van alle zeven umc’s kwamen onlangs bijeen om kennis, capaciteit en strategie rond AI beter op elkaar af te stemmen.
De samenwerking komt op een moment waarop Nederlandse ziekenhuizen steeds meer mogelijkheden zien voor AI, maar tegelijkertijd worden geconfronteerd met een versnipperd landschap van experimenten, systemen en toepassingen.
De umc’s willen voorkomen dat ieder ziekenhuis afzonderlijk dezelfde problemen probeert op te lossen. Volgens de betrokken bestuurders moet Nederland juist de gezamenlijke kennis van de academische ziekenhuizen benutten om AI sneller én verantwoord in de zorg toe te passen.
Van experiment naar structurele technologie
AI wordt al op verschillende manieren gebruikt binnen de gezondheidszorg.
Denk aan ondersteuning bij medische beeldanalyse, administratieve processen, verslaglegging, onderzoek en het zoeken naar relevante informatie in grote hoeveelheden medische gegevens.
Maar de overgang van experiment naar dagelijkse praktijk is ingewikkelder.
Een AI-systeem kan technisch goed functioneren, maar daarmee is nog niet automatisch duidelijk hoe het in een ziekenhuis moet worden geïmplementeerd.
Wie controleert de uitkomst?
Wie is verantwoordelijk wanneer een systeem een fout maakt?
Hoe wordt patiëntdata beschermd?
En hoe zorgen ziekenhuizen ervoor dat artsen begrijpen wat een AI-systeem wel en niet kan?
Dat zijn vragen die ieder ziekenhuis afzonderlijk kan proberen te beantwoorden, maar die volgens de umc’s beter gezamenlijk kunnen worden aangepakt.
AI wordt bestuurlijk onderwerp
Een opvallend onderdeel van de samenwerking is dat AI nadrukkelijk op bestuursniveau wordt behandeld.
De bestuurders van de zeven umc’s hebben tijdens hun bijeenkomst niet alleen gesproken over strategie, maar zich ook zelf verdiept in de technologie.
De gedachte daarachter is dat bestuurders niet uitsluitend afhankelijk moeten zijn van technische experts wanneer zij beslissingen nemen over AI.
De snelle ontwikkeling van modellen maakt dat belangrijk.
Een systeem dat zes maanden geleden nog experimenteel was, kan inmiddels commercieel beschikbaar zijn en onderdeel worden van dagelijkse werkprocessen.
Waarom gezamenlijke kennis belangrijk wordt
Nederland heeft zeven universitaire medische centra die ieder over gespecialiseerde expertise beschikken.
Wanneer ieder centrum zijn eigen AI-projecten ontwikkelt, kunnen succesvolle toepassingen lokaal blijven.
Een gezamenlijk model kan ervoor zorgen dat kennis sneller wordt gedeeld.
Dat kan bijvoorbeeld relevant zijn bij de ontwikkeling van AI voor radiologie, pathologie of administratieve ondersteuning.
Ook kunnen de umc’s gezamenlijk standaarden ontwikkelen voor evaluatie.
Een AI-toepassing moet immers niet alleen aantonen dat ze technisch werkt. Ook de klinische waarde, betrouwbaarheid en gevolgen voor zorgprofessionals moeten worden onderzocht.
De Nederlandse zorg als testomgeving
De Nederlandse zorgsector kan hierdoor een belangrijke testomgeving voor AI worden.
De combinatie van academische ziekenhuizen, universiteiten, onderzoeksinstituten en grote hoeveelheden medische expertise maakt Nederland geschikt voor onderzoek naar de praktische toepassing van AI.
Maar juist de schaal van de zorg maakt standaardisering belangrijk.
Als ieder ziekenhuis verschillende systemen, leveranciers en procedures gebruikt, wordt het moeilijker om resultaten onderling te vergelijken.
Een gezamenlijke aanpak kan dat veranderen.
AI mag geen black box worden
Een van de belangrijkste uitgangspunten binnen de samenwerking is dat bestuurders en zorgprofessionals moeten begrijpen wat zij implementeren.
Dat is vooral relevant omdat moderne AI-systemen steeds complexer worden.
Een arts kan een AI-systeem gebruiken zonder precies te weten hoe het onderliggende model werkt. Dat hoeft op zichzelf geen probleem te zijn, maar er moet wel duidelijkheid zijn over de betrouwbaarheid, beperkingen en omstandigheden waarin het systeem minder goed presteert.
Voor medische toepassingen is dat essentieel.
Een fout in een administratieve samenvatting is vervelend.
Een fout in een systeem dat medische besluitvorming ondersteunt kan veel grotere gevolgen hebben.
De volgende fase
De Nederlandse umc’s bevinden zich daarmee op een belangrijk overgangspunt.
AI is niet langer alleen een technologie waar individuele onderzoekers mee experimenteren.
Het wordt een onderdeel van de strategische infrastructuur van ziekenhuizen.
De komende jaren zal daarom niet alleen worden bepaald welke AI-toepassingen technisch mogelijk zijn.
Minstens zo belangrijk wordt welke toepassingen daadwerkelijk worden ingevoerd, hoe ze worden gecontroleerd en hoe ziekenhuizen samenwerken om de technologie veilig op te schalen.
Met de gezamenlijke strategie proberen de zeven umc’s daar nu een structureel antwoord op te geven.
